Christelijke Muziek en Concertagenda

Uitgelicht: Bachs Johannes-Passion

Ontdek wat Bachs Johannes-Passion zo uniek maakt

Van onze redacteur Jan-Willem van Ree

21-03-20

Bij de woorden 'Bach' en 'passie' denk je ongetwijfeld aan Bachs wereldberoemde Matthäus-Passion (1727). Dat is niet zo gek, want geen enkel klassiek kun je in de lijdenstijd zo vaak beluisteren als deze ontroerende passiemuziek. Minder bekend, maar zeker zo aangrijpend, is Bachs Johannes-Passion. Dit stuk schreef Bach drie jaar voor de Matthäus-Passion. De opzet is dezelfde: het lijdensverhaal zoals opgetekend in het evangelie staat centraal en wordt onderbroken door bespiegelingen van solistische zangers en het koor.

Een vastberaden Jezus

Hoewel de inhoud hetzelfde is als in de Matthäus-Passion, slaat Bach in de 'Johannes' een andere toon aan. Dat heeft alles te maken met de manier waarop Johannes in zijn evangelie Jezus afschildert. In Bachs Johannes-Passion ontmoeten we Jezus als een krachtige persoonlijkheid die een boodschap te vertellen heeft. Als verlosser van de mensheid gaat hij vastberaden zijn weg. Dat hoor je al direct in het overweldigende openingskoor 'Herr, unser Herrscher'. De beweeglijke strijkers, de klagende hobo's en de zacht pulserende bassen geven de muziek iets onstuitbaars. Bach neemt je als luisteraar direct mee in de lijdensgeschiedenis dat zich na het openingskoor ontvouwt.

Evangelist als verslaggever te plaatse

Met alle muzikale middelen die Bach ter beschikking stonden, probeerde hij zijn toehoorders onder de indruk te brengen van het de boodschap van het lijdensverhaal. Een belangrijke rol is weggelegd voor de evangelist. Bach maakte er iets heel dynamisch van. De verteller doet niet alleen verslag, maar lijkt ook zelf gegrepen te worden door de gebeurtenissen. Heel goed hoor je dat op het moment dat Jezus sterft: het voorhangsel in de tempel scheurt van boven tot beneden, de aarde beeft en graven breken open. De angst en de ontzetting hoor je in zijn stem.

Het koor als boze massa en devote gemeente

Behalve solistische rollen van bijvoorbeeld Jezus, Petrus en Pilatus, heeft ook het koor een groot aandeel in de handeling als vertolker van de massa. Deze koorstukken behoren tot de heftigste passages in de Johannes-Passion. Een van de ijzingwekkendste momenten is wanneer het volk eist dat Jezus wordt gekruisigd. Vanuit alle hoeken hoor je 'Kreuzige, kreuzige!'

Ook neemt het koor de koralen voor zijn rekening. Deze koralen waren de kerkliederen van Bachs tijd, die de kerkgangers direct herkenden en mogelijk zelfs meezongen. Deze koralen gaven de gemeenteleden de mogelijkheid om zelf te reageren op het lijden van Jezus. Tegenwoordig klinken melodieën van die koralen nog steeds in veel Nederlandse protestantse kerken. Een van de bekendste koralen uit de Johannes-Passion is 'O große Lieb'.

De aria's als ontroerende reflectie

Het lijdensverhaal onderbreekt Bach met aria's. Dat zijn solo zangstukken, waarin op de zojuist gehoorde bijbelpassage wordt gereflecteerd. De bedoeling is de essentie ervan weer te geven en daarmee het gemoed van de gelovige luisteraar te raken. Bach is daar een meester in. De manier waarop hij al die stemmingen en emoties in muziek wist te vangen is verbazingwekkend. Een van de meest aangrijpende en intiemste momenten in de Johannes-Passion is de laatste aria 'Zerfließe, mein Herze', die direct na het sterven Jezus klinkt. Dezelfde emotionele impact zou Bach in de Matthäus-Passion bereiken met 'Erbarme dich'.

Verdieping: Waarom schreef Bach zijn Johannes-Passion?

Veranderende trend
Bach schreef zijn Johannes-Passion op het moment dat er in Leipzig, waar hij werkte, op kerkmuziekgebied veel veranderde. Sinds de middeleeuwen was het de traditie geweest het lijdensverhaal tijdens de vesper op Goede Vrijdag als sereen gezongen koorstuk (dus zonder instrumenten) uit te voeren. In 1721, twee jaar voordat Bach in Leipzig aan de slag ging, had zijn voorganger voor het eerst een passie met instrumenten gecomponeerd en uitgevoerd. Waarschijnlijk had dat te maken met een bredere trend in Bachs tijd, waarbij het lijdensevangelie steeds dramatischer werd neergezet. De Hamburgse dichter Berthold Heinrich Brockes bijvoorbeeld had in 1712 al een passietekst in dichtvorm geschreven, waarin hij inzoomde op het lichamelijke lijden van Jezus, met zeer plastische taferelen tot gevolg.

Vier versies
Van zo'n plastische interpretatie moest men in het conservatieve Leipzig niets hebben. Toch kon men niet helemaal om de nieuwe trend heen. Een jaar na zijn aantreden als cantor in Leipzig, verraste Bach de toehoorders met zijn Johannes-Passion. Hij ging traditiegetrouw uit van de letterlijke bijbeltekst, maar haalde de teksten van de aria's uit andere bronnen, waaronder zelfs enkele fragmenten van Brockes. Hoe het kerkbestuur daarop reageerde is niet bekend. Wel voerde Bach in 1725 een dramatisch meer afgezwakte versie van de Johannes-Passion uit. Het zou niet de laatste bewerking zijn. In tegenstelling tot zijn Matthäus-Passion bleef Bach aan de 'Johannes' sleutelen. In 1749, een jaar voor zijn dood, voltooide Bach een vierde en laatste versie.


 Laatst gewijzigd: 10-09-20 - Geplaatst: 06-04-20