Christelijke Muziek en Concertagenda

'O hó, er kan dus wel van alles met de blokfluit!'

Van onze redacteur Tineke Smits

30-06-14

Reine Marie Verhagen begon zoals zoveel anderen: blokfluitles in een klas met dertig kinderen. “Alleen ben ik nooit meer gestopt!” Sindsdien verdiept ze zich in de geschiedenis van de blokfluitmuziek en groeide haar passie voor het instrument. Die passie brengt ze over op het conservatorium en tijdens concerten.

Turbulente tijd

Reine Marie Verhagen vond als kind blokfluiten ‘echt leuk’. En het ging ook gewoon goed. “Dat hadden mijn ouders ook in de gaten, dus ik kreeg privéles en nog later ging ik naar de vooropleiding van het conservatorium.” Het was een turbulente tijd voor de blokfluit.

Reine Marie Verhagen treedt met het Corelli-ensemble (Tini Mathot, klavecimbel en Frans-Robert Berkhout, barokfagot) op: zaterdag 20 september 2014. Bestel kaarten!

Rond 1965 werd het instrument als het ware herontdekt. Frans Brüggen, de pionier van de blokfluit, was daar ook bij betrokken. “Na 1750, het jaar waarin Bach overleed, werd er zo goed als geen muziek meer geschreven voor blokfluit. In de Romantiek was geen plek voor dit instrument! Maar in de zestiger jaren laaide de belangstelling weer op, Nederland had daarin een leidende rol. Het gonsde op het conservatorium, een spannende tijd. We moesten ver terug in de geschiedenis om te zien wat er vanaf de zestiende eeuw was geschreven over blokfluitmuziek en –techniek. Er werd veel onderzoek in bibliotheken gedaan en op papier gezet. Omdat de blokfluit al die tijd onderbelicht was geweest, was er ook weinig bekend over blaas- en toontechniek. Iedereen kan wel op een blokfluit blazen, dat is niet zo moeilijk, maar er is veel meer te zeggen over een goede fluittechniek.”

Verhagen vertelt: “Tegenwoordig wordt alles opgeschreven, hoe iets gespeeld moet worden bijvoorbeeld. Maar in die tijd werd er niet bij de noten geschreven of je hard of zacht moest blazen. De componist ging er van uit dat we dat wel zouden weten. Nog verder terug in de tijd werd de melodie niet eens genoteerd, het werd voorgespeeld en ‘via het oor’ overgedragen.”

Knetterhard werken

Toen Verhagen in 1976 als 23-jarige van het conservatorium kwam, kon ze vrijwel meteen aan het werk als hoofdvakdocent aan het conservatorium in Enschede. “Dat was krankzinnig natuurlijk, maar er waren in die tijd heel weinig afgestudeerde musici die zich er verder in wilden verdiepen. Het was dankbaar werk, de scholen waren blij als er docenten met een diploma en goede kennis kwamen lesgeven. Ik vond het niet altijd makkelijk, in het begin waren de studenten ouder dan ik zelf! Maar er was wel erg veel motivatie. En ik was zelf ook erg gemotiveerd om alles wat ik geleerd had weer door te geven. En dat ben ik nog steeds. Het was knetterhard werken. Als docent maakte ik alle ontwikkelingen van heel dichtbij mee. Voor een docent, zeker op het conservatorium, is het noodzakelijk dat je zelf ook midden in de praktijk staat. Alles wat ik zelf ontdekt en geleerd heb, wil ik doorgeven aan mijn studenten.”

Drive voor oude muziek

Of het werk nog steeds uitdagend is en de blokfluit nog steeds interessant? Reine Marie Verhagen vertelt: “Je moet zelf de uitdaging opzoeken, dat hoort bij je vak. Dat deed ik bijvoorbeeld een aantal jaar geleden, toen Steve Reich naar het conservatorium in Den Haag kwam als gast-docent. De lessen lagen twee weken stil en iedereen was bezig met zijn werken. Ik vond het jammer dat er niets te doen was voor de blokfluitisten, dus heb ik zijn dwarsfluitconcert omgezet voor blokfluit. Dat was een project van een jaar, maar het was wel fantastisch om te doen. Dat soort dingen moet je af en toe blijven doen. Die enorme drive voor de blokfluit en voor de oude muziek zit blijkbaar in me. Ik heb het ook wel ontwikkeld in de loop van de tijd, veel onderzoek gedaan, maar het ging gewoon ook lekker.”

Vooroordelen over de fluit

De dagen van Reine Marie Verhagen vullen zich met diverse bezigheden: ze speelt in het Amsterdam Baroque Orchestra en met het Corelli-ensemble en ze geeft nog steeds les. En thuis, ter ontspanning, speelt ze cello. “Ja, dat wisten heel veel mensen nooit van me, en dat vind ik ook prima. Ik doe het alleen maar thuis, of met vrienden. Vroeger dacht ik wel: als ik er nu voor kies om blokfluitist te worden, kan ik dus nooit muziek spelen van Mendelssohn, Chopin of Brahms. Word ik daar wel gelukkig van? Maar net als veel andere blokfluitisten heb ik er dus iets naast gevonden om af en toe ook te spelen. Niet omdat de blokfluit te beperkt is. Er is gigantisch veel muziek geschreven voor de blokfluit, alleen niet in de Romantiek. Natuurlijk kom ik die vooroordelen tegen, dat de blokfluit beperkte mogelijkheden heeft. Maar ik heb daar zelf nooit last van gehad. Ik denk dat mensen gewoon niet weten wat er allemaal mogelijk is. Dat neem ik ze niet kwalijk hoor, er zijn ook genoeg dingen waar ik geen verstand van heb. Ik zie het ook niet als mijn doel om mensen te overtuigen blokfluitmuziek te gaan luisteren en te gaan waarderen. De bekende blokfluitist Frans Brüggen maakte bijvoorbeeld fantastische opnames, om de wereld te laten horen wat er allemaal kan. Die verbaasde reacties van mensen zijn wel heel leuk, als ze horen hoe de blokfluit ook kan klinken. O hó, er kan dus wel van alles met de blokfluit. Mijn persoonlijke doel is een stuk egoïstischer: ik haal zoveel mogelijk uit mezelf en speel zo goed als ik kan. Of dat nou thuis is, met mijn studenten of op het podium.”


 Laatst gewijzigd: 08-03-16 - Geplaatst: 30-06-14